A

A

adrenaline
Adrenaline is een neurotransmitter die door het lichaam afgegeven wordt tijdens fysieke inspanning. Het wordt in grote hoeveelheden afgegeven tijdens de vecht-en-vlucht reactie en is ook betrokken bij stress.
akoestische stapediusreflex
De akoestisch stapediusreflex is een reflex waarbij een spier in het oor ('m. stapedius' die aan de stijgbeugel in het middenoor vast zit) aanspant bij hard geluid op het trommelvlies om gehoorbeschadiging te voorkomen.
amfibie-reflex
De amfibie reflex is een posturaal reflex die zorgt voor soepelheid en automatisering van complexe gecoördineerde bewegingen in meerdere lichaamsdelen.
asymmetrisch-tonisch-nek-reflex (ATNR)
De ATNR valt onder de primitieve reflexen en heeft onder andere de functie om de oog-hand-coördinatie op gang te brengen.
auditieve informatie
Informatie die binnenkomt via het gehoor
auditory processing disorders (apd)
'auditory processing disorders' vertaalt is auditieveverwerkingsproblemen. het betekend problemen met verwerken van de informatie die via het gehoor binnenkomt
Auropalpebrale reflex
Het Auropalpebrale reflex (ook wel akoestisch palpebrale reflex of cochleo-orbiculair reflex genoemd) is het dichtknijpen van de ogen (soms lichtjes) door een intens/hard geluid.

B

binoculair gezichtsvermogen
Het vermogen om waarnemingen te vormen van een object met 2 ogen tegelijk (vergt samenwerking van beide ogen)

C

conceptie
De menselijke bevruchting
cortison
Cortison(e) is een bijnierschorshormoon die wordt afgegeven tijdens de vecht-en-vlucht reactie. Dit hormoon is ook betrokken bij stress.

D

dentriet
Een dendriet is een zenuw uitloper van een zenuwcel die signalen van andere zenuwcellen naar het cel-lichaam brengt.

E

executieve functies
Executieve functies worden ook wel 'hogere hersenfuncties/vaardigheden' genoemd. Ze maken het mogelijk om doelgericht en optimaal een taak uit te voeren. Voorbeelden van executieve functies zijn: concentreren, plannen, goed gebruik van het werkgeheugen etc.

H

hand-oog coördinatie
Niet te verwarren met 'oog-hand coördinatie'. Hand-oog coördinatie is het op gang brengen van oog beweging door handbewegingen. Dit legt een basis voor de 'oog-hand coördinatie'.
hoofdrechtingsreflexen (HRR)
De hoofdrechtingsreflexen vallen onder de posturale reflexen en hebben de functie om de ogen en het hoofd te stabiliseren.

J

Johansen Individualised Auditory Stimulation (J.I.A.S.)
'Johansen Individualised Auditory Stimulation' is een auditieve stimulatie programma dat middels muziek de 'gehoorscurve' beïnvloed om de auditieve informatie verwerking te optimaliseren.

K

kortetermijngeheugen
Het kortetermijngeheugen (ook wel werkgeheugen) kan beperkte informatie vasthouden voor enkele seconden tot enkele minuten.

L

labyrint hoofdrechtingsreflex
De labyrint hoofdrechtingsreflex is het hoofdrechtingsreflex dat door evenwichts- en sensomotorische prikkels wordt geactiveerd
landau-reflex
De Landau-reflex is een overbruggingsreflex die de overgang vormt tussen de tonisch-labyrinth-reflex en de symmetrisch-tonisch-nek-reflex.
lateralisatie
De lateralisatie is het proces in de neuro-motorische ontwikkeling waarbij de linker en/of rechter hersenhelft zijn dominantie of specialisatie ontwikkelt. Hierbij krijgt ieder hersenhelft zijn speciale taken en verantwoordelijkheden in het neurologisch systeem.

M

Moro-reflex
De Moro-reflex valt onder de primitieve reflexen en wordt geassocieerd met de vecht-en-vlucht reactie.
myelinisatie
Myelinisatie (ook wel witte stof genoemd) is het aanmaken van de myeline schede/beschermlaag om de zenuw-dendrieten. Deze myeline schede zorgt ervoor dat de prikkelgeleidingssnelheid omhoog gaat. Dit proces begint bij de geboorte en is rond het 18e levensjaar voltooid.

N

noradrenaline
Noradrenaline fungeert als neurotransmitter in de hersenen en zenuwuiteinden van het sympatische zenuwstelsel. Ook wordt noradrenaline als hormoon geproduceerd in het bijniermerg. De werking is vergelijkbaar met de neurotransmitter 'adrenaline'

O

oculaire hoofdrechtingsreflex
De oculaire hoofdrechtingsreflex is het hoofdrechtingsreflex dat door visuele input wordt geactiveerd.
oog-volg bewegingen
Oog-volg bewegingen vallen onder oogmotoriek waarbij de ogen een langzaam bewegend visueel doel volgen of waarbij de ogen een langzame vloeiende beweging maken in een richting (bijv. lezen)
oogdominantie
Oogdominantie is het verschijnsel waarbij waarneming van een oog in de hersenen de waarneming van het andere oog onderdrukt. Dit gebeurt meestal door het voorkeursoog.
oriëntatie reflex
De oriëntatie reflex (ook wel oriëntatieresponse of oriënterende reactie genoemd) is het reflexmatig reageren op nieuwe, informatieve of intense prikkels.

P

posturale controle
Het handhaven van de houding/postuur.
posturale reflexen
De posturale reflexen hebben als primair doel om de zwaartekracht te trotseren.
primitieve reflexen
De primitieve reflexen hebben als primair doel om te overleven en om geboren te worden. Daarnaast helpen de primitieve reflexen zowel voor de geboorte als in de eerste levensmaanden bij de (eerste) neurologischeontwikkeling.
proprioceptie
Proprioceptie ook wel positiezin, zelfwaarneming of lichaamswaarneming genoemd is het vermogen om de positie van het eigen lichaam waar te nemen.
pruning
Pruning is het 'snoeien'/afbreken van synapsen (zenuw uitlopers) door het lichaam. Het is een noodzakelijk proces van de plasticiteit in het zenuwstelsel. Hierdoor is het bijvoorbeeld mogelijk nieuwe dingen te leren, en bestaande verbindingen te versterken.
pulgar marx reflex
Het pulgar marx reflex wordt geactiveerd bij tweezijdige stimulatie (strijken over de rug). De motorische reactie is vergelijkbaar (alleen dan tweezijdig) als bij de spinaal-galante-reflex, echter daarbij wordt ook de blaas geleegd en de rectum(anus) ontspannen.
pupil reflex
Het pupilreflex (ook wel pupilreactie genoemd) bestaat uit 2 reflexen/reacties; Het lichtreflex en accomodatiereflex. Het lichtreflex is het vernauwen van beide pupillen bij een lichtprikkel in een of beide ogen. Het accomodatie reflex is het vernauwen van de pupillen als een object waarnaar de ogen kijken dichterbij wordt bewogen

R

rectum
De rectum wordt ook wel 'anus' genoemd
reflex inhibitie
Het onderdrukken van reflexen. In de neurologische ontwikkeling wordt dan gesproken over 'het onder controle hebben van reflexen' (zoals bij een 'normale' ontwikkeling gebeurt bij primitieve reflexen)

S

scoliose
Een scoliose de benaming voor een zijdelingse vergroeiing van de wervelkolom.
spiertonus
Spiertonus wordt ook wel spierspanning genoemd.
spinaal-galante-reflex (SGR)
De SGR valt onder de primitieve reflexen die zijn functie heeft tijdens de geboorte. De SGR wordt in verband gebracht met onder andere bedplassen
Strauss-reflex
De Strauss-reflex is het volgroeide schrikreflex waarbij men eerst de oorzaak van een potentiële bedreiging onderzoekt voordat een vecht-en-vlucht response wordt geactiveerd
sudden infant death syndrom (SIDS)
'sudden infant death syndrom' wordt ook wel 'wiegendood' genoemd. Het is geen oorzaak van overlijden, maar een term die wordt gebruikt bij overlijdens van baby's waarbij geen doodsoorzaak vastgesteld kan worden.
symmetrisch-tonisch-nek-reflex (STNR)
De STNR valt onder de transitionele/overbruggingsreflexen en zorgt ervoor dat een baby op handen en voeten omhoog komt om te gaan kruipen. Dit reflex heeft grote invloed op het lezen, structureren van informatie, plannen, automatiseren e.d..
synaps
Een synaps is de contactplaat tussen 2 zenuwcellen (of tussen 1 zenuwcel en 1 spiercel/kliercel). Hier worden de prikkels overgedragen van een cel naar de volgende.

T

tonisch-labyrinth-reflex (TLR)
De tonisch-labyrinth-reflex valt onder de primitieve reflexen en heeft onder andere als functie om het evenwichtssysteem op gang te brengen. Dit reflex wordt in verband gebracht met spiegelschrift en het aanleren van logische volgorden (dagen v.d. week, tafels, klokkijken e.d.).
transitionele reflexen
De transitionele/overgangsreflexen (ook wel overbruggingsreflexen genoemd) ondersteunen de motorische en ontwikkelingsstappen tijdens de neurologische ontwikkeling.

V

vecht-en-vlucht reactie
De vecht-en-vlucht reactie is een overlevingsreactie waarbij het lichaam zich klaar maakt voor actie (weg rennen van gevaar, of vechten tegen gevaar)
vestibulair systeem
Het vestibulair systeem ook wel evenwichtssysteem, vestibulair orgaan of evenwichtsorgaan genoemd, bevindt zich in het oor. Het vestibulair systeem werkt nauw samen met de ogen en vormt met de proprioceptie (positiezin) een referentie punt in de ruimte (wat is boven en onder).
vestibulo-oculaire reflex (VOR)
De vestibulo-ocluaire reflex corrigeert de ogen tijdens het bewegen van het hoofd zodat de ogen op één punt gefixeerd blijven
vestibulocollic reflex (VCR)
De vestibulocollic reflex beïnvloed de nekspieren zodat het hoofd op de verticale loodlijn blijft wanneer het lichaam uit die verticale loodlijn beweegt/valt.
visuele informatie
Visuele informatie is informatie die via de ogen binnenkomt
visuele perceptie
visuele waarneming / waarneming via de ogen.

Z

zindelijkheidsproblemen
Onder zindelijkheidsproblemen wordt problemen met ophouden van urine en/of ontlasting verstaan. In Nederland wordt bij het naar schoolgaan verwacht iemand zindelijk is (~leeftijd van 4 jaar).
zintuiglijke systemen
Zintuigelijke systemen die sensorische prikkels waarnemen. Onder zintuigelijke systemen vallen bijvoorbeeld (ogen: zicht, oren: geluid, neus: reuk, tong: smaak, huid: druk, tempratuur e.d.).